De kunstenaar als bemiddelaar

In het kader van ‘5 Days On’, het kunstprogramma van het jaarlijks terugkerende muziekfestival ‘5 Days Off’, presenteert het NIMk in Amsterdam de tentoonstelling ‘Cloud Sounds’. Uitgangspunt is de cultuur van elektronische muziek en video-clips, waarbij de participatie van het publiek als belangrijkste ingrediënt lijkt te gelden.

Thomson & Graighead, 'Unprepared piano', 2004

Thomson & Graighead, 'Unprepared piano', 2004

In de gang van het NIMk, oftewel het Nederlands Instituut voor Mediakunst, staat een grote kast met glazen potten. Ze zijn gevuld met handgeschreven briefjes. Ook staat er een tafel met lege papieren en een pen. Bezoekers van de tentoonstelling is gevraagd om eens heel diep na te denken, zich een geluid te herinneren, en dit vervolgens uit te drukken in woorden. Vervolgens vult kunstenaar Stijn Demeulenaere de glazen potjes met de persoonlijke verhalen die daar uit rollen. ‘Soundtracks’ is uiteindelijk een werk wat zonder de hulp van het publiek geen enkel bestaansrecht heeft. Dat geldt trouwens voor het grootste deel van de werken in deze tentoonstelling over de kruisbestuiving van technologie en kunst.

Kennelijk hoort daar vrijwel altijd een publiek bij wat het kunstwerk in gang moet zetten, of als het ware moet ‘voeren’. De ‘cloud’ in de titel staat dan ook direct symbool voor de informatie, de data, die mensen overal en altijd via het internet kunnen opvragen en waar ze zelf een steentje aan bij kunnen dragen. De rol van de kunstenaar lijkt hier dus te verschuiven van die van schepper naar die van bemiddelaar. De mensen op het internet lijken de uiteindelijke makers van het eindproduct. Het credo ‘don’t touch’ is vervangen door ‘join in’. Een merkwaardige gewaarwording die we ons vijftig jaar gelden onmogelijk hadden kunnen voorstellen.

‘CrowdSourcing’, of ‘mechanical turking’, zo wordt het ook wel genoemd. Kunst wat ontstaat, en alleen maar kan ontstaan, met een bijdrage van de massa. Maar wat heeft deze nieuwe vorm van kunst nou daadwerkelijk te bieden? Ook ‘The Johnny Cash Project’ wat kunstenaar Aaron Koblin samen met de gerenommeerde videoclip regisseur Chris Milk ontwikkelde is geheel op internet tot stand gekomen. Als eerbetoon aan Cash is voor het nummer ‘Ain’t no Grave’, de laatste studio-opname van de zanger, met bijdragen van amateurkunstenaars van over de hele wereld een animatie videoclip gemaakt die zo op MTV vertoond zou kunnen worden. Op basis van een drietal frames en een simpel tekenprogramma kon de websitebezoeker zijn eigen clip bewerken op de computer. Hieruit is een animatiefilm ontstaan. Het idee is leuk, maar helaas laat het eindresultaat te wensen over. De simpele animatie in zwart-wit is alles behalve vernieuwend of innovatief, eerder nogal oubollig.

Roel Wouters en J