RijksakademieOpen 2010 – Hamid El Kanbouhi

Dat dit jaar de minder goed vindbare ateliers zijn aangegeven door middel van een ‘Hidden Studios Tour’ blijkt een schot in de roos. De installatie van Hamid el Kanbouhi (1976, Larache, Marokko) had ik immers voor geen goud willen missen.

Zijn atelier bestaat, naar eigen zeggen, uit een collage-installatie. Ieder stukje muur, plafond, zelfs de vloer heeft deze jonge Marokkaan benut voor zijn schilderijen, schrijfsels en sculpturen. Het plafond is bezaaid met zwarte voetafdrukken, de vloer met duizelingwekkende verticale strepen in turkoois en grijs. Het schept een beklemmend gevoel. Het interieur heeft hij omgetoverd tot een waar theehuis waar Marokkaanse mannen onder elkaar muntthee drinken en luidruchtig Parchis spelen. De oosterse variant van het spel wat wij in Nederland kennen als Mens erger je niet. Bij binnenkomst krijg ik een warm onthaal. Onder het genot van een kopje thee en een broodje heb ik ruim de tijd om hetgeen er om me heen gebeurt eens goed in me op te nemen en Hamid zelf eens te vragen naar het waarom van deze samenkomst.

‘Ik ben altijd gefascineerd geweest door hoe mensen zich gedragen. In het algemeen, maar ook onder specifieke omstandigheden. Ik had ook net zo goed een pinautomaat kunnen plaatsen en daar een paar mensen in een rij achter kunnen zetten. Ik vind het interessant om een realiteit naar een andere omgeving te verplaatsen om zo mezelf maar evengoed de toeschouwer in een ander kader te plaatsen. Ik ben altijd een portret aan het maken van mijn omgeving, van mijn samenleving. Dat zijn echter niet de mensen die hier nu zitten. Ik weet eigenlijk vrij weinig van mensen van Marokkaanse afkomst hier in Nederland. Met behulp van kranten en televisie heb je het immers al snel over een omgeving, zonder dat je die ooit echt hebt gezien, of aangeraakt.

Ik wilde al heel lang een installatie bouwen en de mens integreren in het beeld. Niet als performer, maar als deelnemer van het werk. Je moet dit werk dan ook echt in zijn totaliteit bekijken. Parchis, het spel wat de mannen onderling spelen is de Marokkaanse versie van Mens erger je niet. Het is niet zo dat ik dat graag tegen de toeschouwer zou willen zeggen -ik zie mijzelf helemaal niet als een boodschapper van welke boodschap dan ook- maar ik vind het wel een leuke woordspeling. Mens erger je niet, of mens erger je wel. Dat kan natuurlijk ook.

Larache, het dorp in Marokko waar ik vandaan kom ervaar ik als zeer beklemmend. Het is klein, en heel traditioneel. De cafés daar, met alleen maar mannen onder elkaar, ervaar ik als benauwend: alles staat al vast en is voortdurend hetzelfde. Deze beklemmendheid, die je wellicht voelt bij het binnentreden van deze ruimte, is niet zozeer die van Marokko, maar meer mijn eigen gevoel daarin. Ik wil de toeschouwer in eerste instantie laten voelen wat ik voel, en dat hij of zij vervolgens zelf gaat kijken, gaat nadenken, en gaat voelen.’

Dit interview is verschenen in Tubelight naar aanleiding van RijksakademieOPEN 2010.